Vertrouwen is onmisbaar
ten tijde van de credietcrisis — credo
en crediet
voorpagina, september 2008

Het is niet eenvoudig om uit te leggen wat de credietcrisis precies
inhoudt. Als Kerk zouden we naar diepere oorzaken moeten graven dan
enkel financiële.
Wie de klassieke talen kent, ziet de verwantschap van crediet
en credo: het woord geloven zit in beide. Geloven
in de betekenis van vertrouwen.
Kenners van de financiële markten kunnen het u uitleggen: er
is geld genoeg in de wereld, maar het circuleert te weinig. Wie het
heeft, houdt het vast. Pas dan blijkt, hoe veel luchtbellen er in
de geldstromen zitten. Lucht is natuurlijk geen geld, tenzij u er
vertrouwen in hebt.
Lucht of vastigheid, ongedekt of gedekt geld, alles kan slechts bestaan
door vertrouwen dat tussen de mensen leeft. Dan wordt geld uitgeleend
en geleend — en dat zonder ondoorzichtige constructies.
Geld was ooit een hulpmiddel in de handel tussen mensen die elkaar
kenden en vertrouwden. Vertrouwen was daar wezenlijk en dat zou nu
niet anders moeten zijn.
Laat dit ook eens aan de orde komen op de Gedachtenisdag van Kerkhervorming
die in de komende maand oktober valt. Dan geven we een actuele invulling
aan de sleuteltekst: 'De rechtvaardige zal leven door zijn vertrouwen'
(Hab. 2:4b, Rom. 1:17, Gal. 3:11, Heb. 10:38).
W. Baan